Heemkundekring

Achel

logoHeemkundekringAchelKleurwapenschild2 nieuw

Een jaarabonnement kost € 12,50.  Abonnee worden ?

Oude Achelse wegen

Achel is getooid met een spits toelopende noordergrens, die te danken is aan het kloosterdomein, dat
de heer van Boxtel circa 1300 verwierf. De zeer oude grens van een heerlijkheid die later rijksgrens
werd.
Het dorp is centraal bevloeid door de Warmbeek, in Nederland de Tongelreep genoemd.
Het is een rivierdorp zoals Lille, Kaulille, Overpelt, Neerpelt (Dommel).
Achel telt daarbij vijf bijrivieren van de Warmbeek : de Princeloop, de Vliet, de Bergienderloop, de Beverbekerloop en de Tomperloop.
Zo rechtvaardigt zich de naam Achel, Aghel, Achile, Aacheloo « woaterkoot » « waterbos ».
Een blik op de kaart maakt dit meteen duidelijk. Tevens is het ook begrijpelijk dat de oude torenburcht
« De Tomp » ('t Fort) en de latere waterburcht van Grevenbroek gevestigd werden in het knooppunt
van waterlopen te midden waterland en vennen.
Merkwaardig is ook hoe Achel eertijds omringd lag met heiden.

Lees meer...

“De Welvaart” Eens heel anders bekeken

Op de 17 Klein formaatplaats waar nu een mooicomplex gebouwd is, stond voor,enkele jaren " De Welvaart".
In de jaren 50,60 was "De Welvaart" een begrip bij de werkende bevolking. Het was een onderdeel van een zuil die diepchristelijk geïnspireerd was.
De geranten ( zoals Jaak van de Welvaart) van een Welvaartswinkel werden beschouwd als mensendie " de goede zaak" genegen waren.
Friedo, Pierre, Hélène, Gerarda en Angèle waren de vijf telgen van Catho van Jaak van de Welvaart.
Sommigen noemden de Welvaart ook wel de "de Coöperatief", maar meestal waren de bovenvermelde kinderen " die van de Welvaart".
Als kind leefde men in een Welvaartwinkel toch iets anders. Heel het huiselijk leven stond van in de morgenuren ( na de 1e mis) tot 's avonds laat in het teken van de winkel.
Onze voordeur stond opzij en de winkeldeur stond van voor. Godzijdank ging de ene deur veel meer open dan de andere. Rolluiken waarvan de linten een kort bestaan hadden hadden wij ook al.
De winkeldeur had een klink, maar ook een blinkende baar, waarmee men ook de deur kon openduwen. Van het glas zag men niet veel: sporadische reclame bleef zeer lang op dezelfde plaats hangen.

Lees meer...

Mie Siek

pruimtabak 2Een teken van tegenspraak? Wie begreep haar? Alleszins een kleurrijke figuur!

Zij heette Joanna Maria van den Rul en werd te Achel geboren op 29 april 1864. Zij overleed er op 28 december 1932. Zij werkte "part-time" bij de Graaf, maar versliep zich regelmatig. Haar aardappelen bedelde zij bij elkaar... Zij mocht haar intrek nemen in het bakhuis van Tinuske Winters. Een vertrek om te slapen, om te eten en om borrels te drinken.... De sigaretten die ze van de jong mannen kreeg, siekte (pruimde) ze op. De mensen vergaven haar veel. Ze was een sukkel!

Toen ze ziek viel, had ze niets: geen eten, geen warme stoof, niets. En het was winter!
De meid van de pastoor kwam er bij waken, maar zij moest zich gaan warmen bij de gebuur.
Op een morgen kwam meester Schuurmans, vanwege "den arme", om ze naar het Gesticht te brengen. Hij vond ze dood.
Onder het bed lagen een stapel jeneverflessen....
Drie dagen na haar dood stortte haar kot in elkaar.

Lees meer...

Van Teutenknecht tot herberguitbater

VAN TEUTENKNECHT TOT HERBERGUITBATER

Bert Scheepers werd geboren in Achel op 14 november 1875 . Hij was de zoon van Joannes Scheepers en Francisca Wilhelmina Van Duynhoven en kreeg de namen Johannes Hubertus mee.
In het Laatste Nieuws van 24 november 1962 verscheen volgende interview.

Vette jaren

Het is in de jaren 1895-1897 dat Jan Hubert Scheepers, in de volksmond beter bekend als 'Bert', zijn beste jaren heeft gekend.
« Het zijn jaren geweest zonder kommer en zorg, » vertelt de 87-jarige Kempenaar , die eertijds als 'Teutenknecht' langs stad en dorp trok om zijn koopwaar aan de man te brengen. In de week voelt hij de last der jaren, maar 's zondags bindt hij met de jeugd de strijd aan op het groene laken bij de Achelse biljartclub. Bert is een opgewekte kerel die ondanks zijn hoge leeftijd nog steeds vrolijk gezeldschap opzoekt. Het is een eigenschap die hem eertijds bij de ' Teuten ' en het volk op de buiten zo geliefd maakte.

Lees meer...

De Douanier

douanierMenig beroep, ambacht of roeping is inmiddels verdwenen of behoort bijna tot het verleden. Middels enkele artikelen wordt geprobeerd om de laatste herinneringen over deze ‘ouderwetse’ dagbestedingen aan de vergetelheid te ontrukken nu het nog kan. Achelaren –of personen die in Achel werkten- vertellen over hun dagelijkse arbeid in het verleden.
U wordt meegenomen naar boeiende vertellingen van de wever, de mijnwerker, de huisslachter, de douanier, de moeder van het hele grote gezin of noem maar op.

Lees meer...

Drieka Brieëm

Voor dat vrouwmens moest men een standbeeld oprichten. In mijn jongenshart staat er trouwens al een!

Als ze door ons straatje gejaagd voortschobde, steeds druk in de weer, zaagt ge ze bijna niet. Zo klein was ze. Steeds met een glimlachje rond de mond, druk en haastig en bezig...

Zij had een huishouden van vijf of zes kinderen, in alle maten en kleuren, en een rustige, maar zieke man. Hij was astmalijder. Zo dikwijls zagen we hem aan tafel zitten, gebukt over een dampend kommetje. Om de beklemdheid weg te nemen. Hij was voerman bij de graaf. Hij deed wat hij kon, maar weelde was er niet in huis.
Drieka droeg daarom het huishouden.
Alle moeders krijgen wel eens kwade dagen, maar bij Drieka waren de klappen toch wel bijzonder hard. Alle dagen waren kwaad.

Lees meer...

Koba en Mie van Celikes

Toen de zon al enige dagen tussen de wolken door kwam kijken en de berken begonnen uit te lopen, of er toch apprensie voor maakten, toen gebeurde het.
In Achel werd een tweeling geboren. In een woonwagen! Men schreef toen 26 maart 1847.
De vader was Pier-Jan Beckers, geboren te Achel op 1 februari 1810 en de moeder heette Caecilia Borka. Een Zuiderse naam. Zigeunerbloed? Zij kwam van Neeroeteren, werd er geboren in 1810 en stierf te Achel in 1891.
Het waren twee meisjes, Anna Maria zag het levenslicht om 6 uur 's morgens, Jacoba zag datzelfde licht om 7 uur 's morgens. Jacoba was wat gehandicapt en zou haar heel leven hinken.
Beiden klein van gestalte; hun beroep was bedelen.

Lees meer...

De glorietijd van « DIKKE PIER » te Achel

Zo schreef L. STERKEN in « Het Belang » op donderdag 11 november 1948.....over Pier Van Lishout de zoon van Antoon Van Lishout en Marie Guys.

Dikke Pier Van Lishout 1 filtered 2DE GLORIETIJD VAN « DIKKE PIER » TE ACHEL.

.....
We trekken er dan op uit... naar Achel, waar Dikke Pier de grootste broek nodig heeft.
Feitelijk heet hij Petrus Van Lishout, gepensioneerde spoorwegarbeider. Zijn burgerlijke stand vermeldt : geboren te Achel op 5 mei 1875 en gehuwd in 1907 met Petronella Lemkens , « na 15 jaar verkering » maar dat staat niet in het eerbiedwaardig boek. Hij woont
in de Eindstraat op nummer 30 te Achel.
Van die verkering gesproken ! Pierke (zo noemt Van Lishout zichzelf) beweert met zijn huwelijk juist op tijd te zijn gekomen. » De pastoor vroeg mij 10 frank voor de ceremonie, zegt hij maar ik dong 5 frank af en hij was ook tevreden. Hij meende commercant te zijn. »
Pier is altijd een ferme knuppel geweest. Toen hij trouwde woog hij reeds 90 kg.De aard zeker ? Zijn moeder immers had ook 250 pond als tegengewicht nodig. En dan een maag !

Lees meer...

Oude waterputten te Achel

1999 Achel Kelder van kiosk terug geopend 2Tussen de woonresten uit oude tijden bekleden de waterputten een bijzondere plaats.
De eerste nederzettingen ontstonden bij een zoetwatermeer of een rivier. De mens had water nodig.
Vanaf het ogenblik echter dat men de vondst deed, water uit de bodem van een put te doen opborrelen nadat het gefilterd was geworden door de omringende aardlagen, vanaf dat ogenblik werd de waterput het hart van iedere nederzetting.
Bij deze kostbare plek ontmoetten de mensen elkaar, werden de nieuwsjes voortverteld en werden later de publicaties opgehangen. Op vele plaatsen werd zelfs ooit een putbestuur geschapen dat voor het onderhoud en de reinheid ervan moest zorgen.

Lees meer...

De lazerij van Achel

breughel detail 200x254De melaatsheid was in het oosten reeds gedurende de Oudheid bekend. Onze streken werden er vooral door geteisterd van de 11e tot de 15e eeuw.Deze gevreesde en besmettelijke ziekte werd blijkbaar door de kruistochten in Europa algemeen verbreid.
Zij wordt verwekt door een bacil die zich zeer langzaam in het menselijk lichaam ontwikkelt en vooral te vinden is in het neusslijmvlies van de zieke. Langs het kleinste wondje dringt zij in het lichaam binnen. Als symptomen vernoemt men : het verschijnen van bruine en donkere vlekken op de huid, gevolgd door knobbels die als afzichtelijke zweren openbreken. Het weefsel wordt vernietigd zodat zelfs vingers en tenen worden afgestoten. Dikwijls wordt ook het zenuwstelsel aangetast hetgeen met vreselijke pijnen gepaard gaat.

Lees meer...

Persketrien

Vertaald zou deze titel luiden: PAARDEKATRIEN.
En zo denk je dat het gaat over de patrones van de jockeys. Maar dat is echt niet zo.
Het gaat om een gewone Achelse huisvrouw, Katharina Merkelbach, echtgenote Groenen. Ze runde een tijdje herberg en winkel.

Het echtpaar had een zoon die de wereld inging als "de rooie bakker". Deze was de vader van "Ber van de rooie bakker", de dorpsdichter die meerdere oorlogsliederen op zijn naam schreef. Onder andere:
"Wat is er weer in Nederland
"Op die Achelse grenzen gebeurd.
"Een jongeling van achttien jaren
"Werd daar het leven verbeurd..."

Lees meer...

Oude tijden herleven

Evert Meijs1Sinds enige tijd is Achel een rijwiel uit de oude tijd rijker: een ‘hoge bi’. Een staaltje van nostalgie voert van tijd tot tijd door de straten van ons dorp. Tijd om daar wat dieper op in te gaan.

Het woord ‘bi’ is afgeleid van ‘bicycle’ en wordt uitgesproken als ‘bie’.
Deze antieke fiets kenmerkt zich door het zeer hoge voorwiel. Het wiel heeft een doorsnee van 127 cm. (50 inch). En de beide trappers zitten vast aan de vooras gemonteerd. Aan het stuur zit een stang die gebogen naar beneden loopt. Aan het einde van de stang is een klein wiel bevestigd van 40 cm. doorsnee.

Lees meer...

Mie Guys

Mie Guys 001 filtered'n Stuk legende? Neen! Zij heeft echt bestaan.
De beroemdste vrouw van Achel, nog boven de gravin! Iedereen kende haar, tot in de omliggende dorpen.
Veel gezag had ze, zonder benoeming, was potig, radicaal, maar ook ernstig en toegewijd.
Zij was getrouwd met Toon Van Lishout, hare ondergeschikte, die geboren was in 1844. Zij zelf was van 1841 en heette gewoonweg Anna Maria Guys.
Zij was gezegend met twee dochters, Anna en Helena, en met drie zoons, Willem, Jef en Pier, de sterke man van de Statie die met een aambeeld kon gooien.
Naast haar kranig gezin runde Mie tegenover het Gemeentehuis-Vredegerecht een drukbezocht cafe-restaurant-logement.

Lees meer...

Geschiedenis van de Achelse Kluis

Achelse Kluis terug van het veldVerklaring van de naam
De Achelse Kluis is een Trappistenklooster gelegen nabij het dorp Achel, in Belgisch Limburg. De abdij ligt op de grens België-Nederland. Het grootste gedeelte van de landerijen ligt in Nederland, de gebouwen liggen in België, uitgezonderd een klein gedeelte: de grensscheiding loopt door het gebouw.
Diocesaan en rechtspersoonlijk behoort de abdij tot België.
Een Trappistenklooster wil zeggen : een abdij waar geleefd wordt volgens de regel van St. Benedictus (VI° eeuw) , zoals die eerst hernomen werd door de abdij van Citeaux (Cistercië) in Boourgondië (Fr.) in het jaar 1098, en vervolgens opnieuw door de cisterciënser abdij van La Trappe in Normandië (Fr.). Vandaar de officiële naam van de orde : Cisterciënzers van de strengere onderhouding-vanwege de hervorming ook wel " Hervormde Cistersiënzers" genoemd. De volksmond bleef echter steeds spreken van "Trappisten" (La Trappe).

Lees meer...

Studentenbedevaart 1942

Er was in dat jaar een ommekeer in de oorlog...
Iedereen voelde het steeds harder aan: ingekrompen rantsoenen, nauwelijks steenkolen, razzia's en controles, minder werkgelegenheid en vervoer, verplichte verduistering, nachtwacht en taptoe. Er was de verplichte tewerkstelling , onregelmatige lesuren: studenten met verplicht vakantiewerk (o.a. mijnwerk, enz.).
Moedige jongens die 's morgens zéér vroeg , tijdens de speruren, via allerlei binnenwegeltjes in de donkere uren met hun rantsoentje en kapetulie naar het station van Lille slopen in de hoop toch de vroegtrein naar Hasselt (College) te halen. Wat lag Achel zover af ....
En toch kroop het leven verder. Men raakte eraan gewend. Zelfs in die mate dat enkele K.S.A.-ers hun intieme belofte, gemaakt bij het slagen in hun examens, toch wilden nakomen.
" We gaan te voet naar Scherpenheuvel ".

Lees meer...

Jawillem en Marjan

grootmoederke 1918 Lummen 2 Zulk koppel bestaat niet meer.
Maar in 1920 was het in Achel nog te zien.

- Hun huis is ook verdwenen. Het werd niet naar Bokrijk gebracht. Het was er te oud voor. Een echte schabrak!

Het was een oeroud schamel bouwsel met lemen muren en dik strodak zonder pannen. Op de nok prijkte de traditionele huislook. Dat beschermde tegen onweer en bliksem.
De kleine vensters met de kleine groenachtige ruitjes gingen nooit open. Stokrozen bloeiden er ietwat verwezen voor. In de staldeur was een luikje uitgespaard waarlangs de kippen naar binnen trokken, voor hun polder boven de geit. Over een klein kippenladderke ging dat.

Lees meer...

Oude devoties

kapel olv in de nood AchelAllen kennen we de bijzondere versieringen bij het uittrekken van de processies. Vroeger waren er twee : de Sint-Antoniusprocessie op 13 juni (later de zondag daarop) en de O.L.Vrouweprocessie op 15 augustus die vanaf de dorpskerk naar het O.L.Vrouwekapelletje doorheen de oude Kloosterstraat en de Kapelstraat trok naar de kapel van O.L.Vrouw in de Nood.
Deze kapel steunde steeds op eeen brede volksdevotie, bijzonder in de mei en oktobermaand. Generatieslang werd zebezocht en versierd : bijzonder op 1 mei wanneer een grote meiboom werd geplaatst (een jonge den waarvan de stam geschild was, de kruin versierd met blauw-witte wimpels, de voet omkranst met een rond zand-bloemtapijtje en met hoog ,kort tegen de kruin een lauwerkrans in wit-blauw)
De religieuse –folkloristische traditie van dergelijke meibomen , meestal op het dorpsplein geplaatst, is zeer oud. Hoe deze bij ons werd verbonden met de devotie van O.L.Vrouw In de Nood, is niet duidelijk achterhaalbaar.

Lees meer...

Achels dorpsleven..

Ast Kermis wierd!

Met de zomerzon kwam de kriebel in de lucht en in de harten van jong en oud: "Binnekort ist kermis"!.
Dagen op voorhand werd er gepoetst en geschrobd tot alle spinnen weg waren en de plavuizen roodglanzend.
De vensters werden gewassen en de muren "gewit".
Er werd bloem gehaald voor de mik en de vlaai; zelfs enkele "hamfels krinten". Want op tafel moest "krintemik" komen.
In sommige wijken werd een koe geslacht en uitverkocht. Want een slachter was er toen niet.
Het ooft voor de vlaai werd van de zolder gehaald: blikken dozen met reeksen gedroogde appelschijfkes en "bakkemuus", de gewaardeerde in de oven gebakken Trichterperen...

Lees meer...

BOUWEN VROEGER EN NU DOOR MARTEN KLÜS (90j) 1959

achelse woningen 91Hoe alles toch veranderd is… vooral na de Eerste Wereldoorlog! Kijk maar eens naar de bouwtrant. Niet te geloven!

Vroeger bouwde men in de diepte: dat was omwille van de wind. Het dak kwam ooit bijna op de grond. Daar zat dan een laag deurtje onder. En nu bouwen ze op een hoogte. Het dak kan niet hoog genoeg zijn.

Vroeger bouwde men midden in het geleeg en de wegen moesten zich maar aanpassen; ze kronkelden langsheen de boerderijen. Nu trekt men rechte straten en de huizen moeten op een rijtje erlangs staan.

Vroeger bouwde men met hout, leem en riet: men haalde het zelf bij, met paarden- of ossenkar en de geburen hielpen een hand.
Brikken konden alleen betaald worden door goedbelegen burgers,alhoewel de funderingen voor de “plaaien ” steeds gemetseld werden. Ook bij de boeren.
Waren het echt “mensen met geld” dan kwamen er weleens omlijstingen en dorpels in arduin. Vooral aan de Maaskant.
Nu kunt ge de soorten bouwmaterialen niet meer bijhouden: beton en plastiek en schuimwol en kunstvezelplaten en metalen deuren en aluminium.

Lees meer...

De doden werden altijd waardig begraven

Vanvoorden Gerard begrafenis 1937 B Kerkhof naast de kerk AReeds in het paleolithicum – honderdduizend jaar geleden – bestond overal de begraving waarbij het lichaam van de overledenen in de aarde werd gelegd. Men markeerde de plek met een hertsgewei, met schiouderbladen van een mammoet, met een krans van evertanden of schelpen, verder met een paar stukken gereedschap, dus met dingen waarmee de dode werd geêerd en die hij mogelijk in het andere leven zou kunnen nodig hebben.
Het geloof in een voortbestaan is duidelijk aanwijsbaar reeds vanaf het begin van het menselijk leven. Soms werd het lichaam met oker rood gemaakt om zo het leven zo lang mogelijk te kunnen vasthouden. Dit deden de jagersvolken als symbolisering.
Zo bleef het tienduizenden jaren lang, zelfs toen rond 5000 v. C de mens landbouwer was geworden. Wel werd het ritueel na verloop van tijd beter verzorgd en ontstonden er langzamerhand echte grafvelden dicht bij de nederzettingen. Daarbij begon de gewoonte op te komen de dierbare afgestorvenen in een rots of een uitgekapte steenmassa te begraven.Dikwijls werd in plaats van de rots een gebouwd stenen monument gebruikt , compleet met zuiltjes, beelden enz.. Steeds kwam de zorg voor de piëteit jegens de doden daarbij speciaal uit.

Lees meer...

Tocht van Meersel-Dreef naar Achel in 1846

Tocht van Meersel-Dreef naar Achel in 1846

In 1838 deed de abdij van Westmalle een tweede stichting in het oude Capucijnenklooster te Meersel-Dreef. De omstandigheden waren daar echter niet gunstig voor een verdere uitbreiding van het klooster. Daarom werd uitgezien naar een geschikter plaats. En dat zou in Achel kunnen zijn, war een klooster, eertijds bewoond door de Eremieten, en bijhorende gronden te koop zouden zijn. De eigendom was van Barones Tuyll van Serooskerken uit Heeze (NL).
De Abt van Westmalle en de Prior van het klooster Meersel-Dreef gingen in oktober 1844 op verkenning te Achel. Ze kwamen terug met een gunstig rapport. De aankoop werd voorbereid.

Na lange onderhandelingen werd de officiële aankoop gedaan van Barones Tuyll van Serooskerken van de oude hermitage te Achel en 25 hectaren gronden onder Leende of in totaal 96 hectaren, volgens de akte van 9 april 1845, voor de prijs van 20.250 Nederlandse gulden.
Eens in bezit hiervan oordeelde men de bestaande gebouwen onmiddellijk dienstig te maken voor religieuzen. Men wilde zo spoedig mogelijk verhuizen van Meersel naar Achel.

Lees meer...

De "Clockslagh"

banklok

In de late Middeleeuwen kregen de steden van hun landsheer het recht om een of meerdere klokken in hun belfort of de belangrijkste kerktoren op te hangen. De belangrijkste van deze klokken was de banklok (cloche banale, campana banalis), die dienst deed als officiële “aankondiger”. De burgers waren verplicht gevolg te geven aan de oproep van de banklok.  

Later werd de functie van de banklok vaak uitgesplitst over meerdere klokken die elk een specifieke functie hadden. Zo riep de stormklok de burgers te wapen ; de brandklok riep de burgers op bij brand en de poortklok kondigde het sluiten van de stadspoort aan.

Lees meer...

Het Genenbroekkasteel

genebroek11. ALGEMENE BESCHRIJVING VAN HET KASTEEL

Toelichting bij enkele moeilijke bouwtermen
Auteur D. Pauwels noemt het kasteel een eclectisch complex met neo-Vlaamse-renaissance-inslag. Eclectisch wil zeggen dat de verschillende bouwheren qua bouwstijl de beste bouwvorm uitkozen voor elk deel van het complex. Neorenaissance duidt op de bouwstijl in de 18de, 19de en 20ste eeuw die de princiepen en de kenmerken van de klassieke renaissance hervat.
Een travee is een gedeelte van een groot gebouw, gedeelte dat telkens één raam bevat; ofwel de ruimte tussen twee kolommen, bijvoorbeeld in een kerk.

Lees meer...

De Waag

De Waag Achel 2De verwoesting van de grote burcht van Grevenbroek door Marlborough in 1702 bracht voor onze heerlijkheid een bijzondere situatie.
De zetel van het traditioneel gezag was er nu niet meer. De heer van het domein kon slechts nog in zijn jachthuis Ghenebempden bij Catharinadal verblijven. Het moet een leemte geweest zijn die vooral voelbaar was in het beheer van de banale molens. Het molenrecht moest toegepast worden, de beek moest regelmatig geveegd worden enz. De verboden handmolens dienden opgespoord...

Op 21 maart 1749 had Prins-Bisschop Jan Theodoor van Beieren de twee banmolens in erfpacht geschonken aan baron de Hubens tegen een jaarlijkse som van 1000 gulden.
Op 23 oktober 1751 ontving deze heer nog twee hoeven van Grevenbroek samen met enkele landerijen, het terrein met de puinen van de oude burcht, alsook het jachtrecht te Achel.
Hij eiste nadien de Oude Molenweier op ( 30 bunders) , eigendom van de gemeente, omdat er vroeger sprake was van 7 vijvers van Grevenbroek en hij er in 1752 maar 6 vond.

Lees meer...

Telefoon "Hallo nummer 24" , een anekdote...

potstelephoneWe gaan even terug in vooroorlogse tijden : 1905
Achel was nog kantonhoofdplaats van de 6 omliggende gemeenten met een vredegerecht, ontvangerij van belastingen, politiedienst met cachot, belangrijk grenskantoor... de modernisering stond niet stil.
De jonge Graaf Georges Cornet de Peissant had sinds 08.10.1901 het burgemeesterschap overgenomen van de zieke Heer Willem Simons en was sinds 28 mei 1905 ook provincieraadslid.

Lees meer...

Een walvis in Achel-Statie

walvis te achel statie 600Enkele maanden geleden was ik getuige van een geanimeerde discussie over een walvis die ooit op een spoorwagon te Achel-Statie te kijk werd gesteld. Vragen als : Wanneer was dat ook weer ? Hoe zag hij eruit ? Van waar kwam jij ? bleven niettegenstaande de vele meningen onbeantwoord. Van één gegeven was men zeker : die bewuste walvis stonk uren in de wind.
Na wat speurwerk en getuigenissen van enkele personen , die ook deze walvis bezochten kregen wij een antwoord op die vragen.

Lees meer...

Kroniek van Hertum - van Hertem

Bert.V.Hertum en Josephina Lauwers.Page43De motieven waarom de Nederlanders nu in België, meer bepaald in Achel komen wonen zijn van heel andere aard, als die van de familie Van Hertum – Van Hertem, die midden de 19de eeuw over de grens trokken, waarvan o.a. ook een stam van deze familie naar Achel afzakte. Dat ze naar Achel kwamen wonen is niet zo uitzonderlijk maar wel de schrijfwijze van hun naam lijkt ons vermeldingswaardig.
Want hoe schrijf je nu juist hun naam? Is het Van Hertum of Van Hertem ? Dat is een vraag die je in Achel regelmatig hoort. En toch zijn ze van dezelfde familie, een familie die al sinds 1834 in Achel woont.,
Eerst iets over de familienaam.

Lees meer...

Pastoorskranske voor "F" & "O"

ferme ouvertPastoor Cor Huygens was pastoor van Achel-Statie van 1958-1969. Hij was een bijzondere figuur met een apart karakter. Het parochieblad van Achel-Statie was een wekelijks gestencild blaadje waarin hij alles kwijt kon wat hij dacht dat de mensen van Achel-Statie zouden lezen en interesseren. « Zo leeft en bidt Achel-Statie » stond er bovenaan getypt. Als de gelegenheid zich voordeed om « leuke anecdotes » te vertellen deed hij dit maar al te graag. De plagerij en dubbele bodem moesten de mensen er maar bij nemen.Deze keer ondertekende hij met 'Sneppeke'
Onderstaand verhaal lazen wij in het parochieblad van zaterdag 26 januari 1963. Ter verduidelijking vertellen wij toch even dat het hier gaat over de pastoor van Achel-Dorp Z.E.H. Schevers en een waar gebeurd verhaal dat ook in het Sneppeke van het Belang van Limburg verscheen.De slotzin verwoordt een « steekje onder water » : omdat de moederparochie wegens gebrek aan eigen middelen geen « startpremie » aan de nieuwe parochie had kunnen geven, komt er een voorstel van Pastoor Huygens...Of er op ingegaan is weten wij niet....

Lees meer...

De geboorte van 't Molenhuis

Zjang Thijs en Marie filteredEEN AANKONDIGING IN DECEMBER 1978.. : GEBOORTE VAN ' t MOLENHUIS !

Toen Zjan met Marie trouwde , kwam hij in Achel wonen, in het huis van Mie Guys. Dit oude gevelhuis, zoals vele andere in het dorp afgebrand in 1880 bij de grote dorpsbrand, was heropgebouwd en lag gunstig tegenover het gemeentehuis en het Vredegerecht.
Eerst was Zjan Thijs diamantslijper geweest in Pelt en daarna koetsier bij de familie Keelhoff te Neerpelt, maar eenmaal getrouwd hield hij een winkel in " koloniale waren ", een handel in eieren en lindebloem, met daarbij nog een dorpscafé dat later "In de 3 Molenstenen" werd gedoopt.
Hij zag het probleem van het malen in Achel, waar de boeren met kar of kruiwagen naar het verre en oude " Mulke" voeren of naar de watermolen in Lille. Wel kwam in 1920 een "vuurmolen" aan de Quatre-Bras (een molen aangedreven door een stoomketel), maar zodra ook Achel elektriciteit kreeg (1923), liet Zjan een elektrische molen bouwen (1924). Enkele jaren nadien werd deze gevolgd door een molen van Jan Willems.
Het ging de molenaars voor de wind, zoals het hoort ! Toch was het vooral de lindebloem ( in Achel vrij veel geoogst) die plots zeer sterk in prijs steeg(verteld wordt dat dit kruid werd gebruikt bij medicijnen tegen de Spaanse griep) en Zjan "veel zaad in het bakje bracht".

Lees meer...

Overstroming in Achel

Lille Dijkbreuk in kanaal 19Regelmatig hebben bewoners in bepaalde gebieden in België te maken met overstromingen , met de nare gevolgen vandien. Dat kan ons niet overkomen, prijzen wij ons gelukkig. En toch, eens gebeurde het...
In de nacht van 11 op 12 oktober 1933 om 1 u. brak de kanaalsdijk door te Sint-Huibrechts-lille. Men was bezig het kanaal te verbreden van 20 meter tot 32 meter. Een nieuwe dijk was gelegd en de oude dijk werd weggevreten met grote baggermachines. Die nacht spoelde een gedeelte van de oude dijk weg en door het geweld van het stromend water en de stormwind werd er een bres van 25 m. geslagen in de nog niet afgewerkte nieuwe dijk, aan de kant van Sint-Huibrechts-Lille. Het kolkende water overstroomde eerst de landerijen en huizen in de buurt. Vlak bij de breuk vloeit de Warmbeek onder het kanaal. Het was door de duiker onder het kanaal dat het water zich een nieuwe weg zocht stroomafwaarts. Een ontzaglijke massa water overspoelde de watermolen van Lille, de spoorweg (IJzeren Rijn) , de Hamonterweg. Zo bereikte het water de lager gelegen beekvallei in Achel met o.a. de Lange Els.

Lees meer...

Achelse kadasternamen

kadaster« Het Eind » is toen men nog van een dorp mocht spreken, altijd een van de grootste gehuchten van Achel geweest.
In 1856 was het wat het aantal woningen betreft, zelfs het grootste gehucht, zoals de telling van dat jaar bewijst. In 1836 waren er 17 huizen en 76 bewoners. Slechts zes waren er stemgerechtigd. Geheel Achel hadtoen 36 kiezers, allemaal mannen. Het betalen van bepaalde belastingen gaf stemrecht. In 1846 was het al wat meer : 18 huizen en 77 bewoners. Tien jaren later tellen we 28 huizen waarmee « Het Dorp »(26), « De Bergien »(23) en « De Ronriet »(18) vooraf ging.
Er waren toen in Achel 153 woningen.

Lees meer...