De ommegang van de kleppers

Klepper"De kleppers" : zo noemde men tot voor kort de misdienaars die op de 3 dagen voor Pasen hun ronde deden in de parochie.Ze waren tien,elf,twaalf jaar, hadden het ganse jaar de vroegmis gediend, de zondagsdiensten, dopen ,huwelijken en begravingen meegemaakt, ook de kerkgangen...en de maandelijkse communie gebracht bij de zieken ...de heilige olie helpen brengen als er iemand bediend moest worden...Ze waren echte hulpjes voor pastoor en koster.Het was alles inzet en pro deo.

Eenmaal in het jaar, namelijk op het einde van de vastentijd wanneer de klokken zwegen op Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Paaszaterdag kwamen ze in de belangstelling in en buiten de kerk met hun houten ratels met enkele rituele klepmelodieën.

Lees meer...

Geschiedenis van de Achelse Kluis

Achelse Kluis terug van het veldVerklaring van de naam
De Achelse Kluis is een Trappistenklooster gelegen nabij het dorp Achel, in Belgisch Limburg. De abdij ligt op de grens België-Nederland. Het grootste gedeelte van de landerijen ligt in Nederland, de gebouwen liggen in België, uitgezonderd een klein gedeelte: de grensscheiding loopt door het gebouw.
Diocesaan en rechtspersoonlijk behoort de abdij tot België.
Een Trappistenklooster wil zeggen : een abdij waar geleefd wordt volgens de regel van St. Benedictus (VI° eeuw) , zoals die eerst hernomen werd door de abdij van Citeaux (Cistercië) in Boourgondië (Fr.) in het jaar 1098, en vervolgens opnieuw door de cisterciënser abdij van La Trappe in Normandië (Fr.). Vandaar de officiële naam van de orde : Cisterciënzers van de strengere onderhouding-vanwege de hervorming ook wel " Hervormde Cistersiënzers" genoemd. De volksmond bleef echter steeds spreken van "Trappisten" (La Trappe).

Lees meer...

Onze historische familiale spiegel

Terugdenken aan onze vroegere voorouders is niet alleen boeiend voor onszelf, maar tevens leerzaam voor het kennen van ons eigen dorps- of buurtverleden: het bewaren waard!
Afstamming, herkomst, bestaan, werk, bezit, blijde en droeve gebeurtenissen , lief en leed, gezondheid, fysiek, naam , voornaam: we dragen er overal iets van mee....
Onze nieuwe tijd is zeer vindingrijk bij de naamgeving van jonggeborenen. Niet altijd is deze tolerantie zo ruim geweest.
De gemeente-ambtenaar ( Burgerlijke Stand) vroeger had een boekdeel als naamregister waaruit men kon kiezen bij de geboorte en waarbuiten de ambtenaar geen uitzondering kon toestaan.
Ook de parochies en diverse religies hanteerden eigen registers voor heiligen en sinten.
De bestaande parochiale doop-huwelijk-overlijdensregisters zijn daarom zeer nuttig, vooral deze uit het Oude Regime want andere bronnen waren vrij beperkt.
Familienamen hadden vaak typische kenmerken als oorsprong:

Lees meer...

De lazerij van Achel

breughel detail 200x254De melaatsheid was in het oosten reeds gedurende de Oudheid bekend. Onze streken werden er vooral door geteisterd van de 11e tot de 15e eeuw.Deze gevreesde en besmettelijke ziekte werd blijkbaar door de kruistochten in Europa algemeen verbreid.
Zij wordt verwekt door een bacil die zich zeer langzaam in het menselijk lichaam ontwikkelt en vooral te vinden is in het neusslijmvlies van de zieke. Langs het kleinste wondje dringt zij in het lichaam binnen. Als symptomen vernoemt men : het verschijnen van bruine en donkere vlekken op de huid, gevolgd door knobbels die als afzichtelijke zweren openbreken. Het weefsel wordt vernietigd zodat zelfs vingers en tenen worden afgestoten. Dikwijls wordt ook het zenuwstelsel aangetast hetgeen met vreselijke pijnen gepaard gaat.

Lees meer...

“De Welvaart” Eens heel anders bekeken

Op de 17 Klein formaatplaats waar nu een mooicomplex gebouwd is, stond voor,enkele jaren " De Welvaart".
In de jaren 50,60 was "De Welvaart" een begrip bij de werkende bevolking. Het was een onderdeel van een zuil die diepchristelijk geïnspireerd was.
De geranten ( zoals Jaak van de Welvaart) van een Welvaartswinkel werden beschouwd als mensendie " de goede zaak" genegen waren.
Friedo, Pierre, Hélène, Gerarda en Angèle waren de vijf telgen van Catho van Jaak van de Welvaart.
Sommigen noemden de Welvaart ook wel de "de Coöperatief", maar meestal waren de bovenvermelde kinderen " die van de Welvaart".
Als kind leefde men in een Welvaartwinkel toch iets anders. Heel het huiselijk leven stond van in de morgenuren ( na de 1e mis) tot 's avonds laat in het teken van de winkel.
Onze voordeur stond opzij en de winkeldeur stond van voor. Godzijdank ging de ene deur veel meer open dan de andere. Rolluiken waarvan de linten een kort bestaan hadden hadden wij ook al.
De winkeldeur had een klink, maar ook een blinkende baar, waarmee men ook de deur kon openduwen. Van het glas zag men niet veel: sporadische reclame bleef zeer lang op dezelfde plaats hangen.

Lees meer...

Achelse kadasternamen

kadaster« Het Eind » is toen men nog van een dorp mocht spreken, altijd een van de grootste gehuchten van Achel geweest.
In 1856 was het wat het aantal woningen betreft, zelfs het grootste gehucht, zoals de telling van dat jaar bewijst. In 1836 waren er 17 huizen en 76 bewoners. Slechts zes waren er stemgerechtigd. Geheel Achel hadtoen 36 kiezers, allemaal mannen. Het betalen van bepaalde belastingen gaf stemrecht. In 1846 was het al wat meer : 18 huizen en 77 bewoners. Tien jaren later tellen we 28 huizen waarmee « Het Dorp »(26), « De Bergien »(23) en « De Ronriet »(18) vooraf ging.
Er waren toen in Achel 153 woningen.

Lees meer...

Een beetje geschiedenis over de post in Achel

Het eerste Achelse postkantoor werd op 23 mei 1876 geopend als "onder ontvangerij" ("sous-perception"). Dat gebeurde in uitvoering van het Koninklijk Besluit van 29-02-1876 .
Vroeger, toen er in Achel geen postkantoor bestond, moesten de brieven er afgehaald (of besteld) worden door de postbode(n) van een gemeente waar wèl een postkantoor bestond. Veel gegevens daarover zijn er niet gemakkelijk te vinden. Wel is bekend dat in 1840 de gemeente Achel (die toen 681 inwoners telde) bediend werd door PEER2.
Vanaf 1846 zorgde het postkantoor van OVERPELT voor het briefverkeer te Achel. Een interessant document uit die periode is deze omslag (enveloppe) die in Overpelt gestempeld werd op 22 mei 1859. Dat de brief wel degelijk in Achel vertrokken was, valt af te leiden uit de aanwezigheid van een klein rond "postbusstempeltje" met de letteraanduiding AA er binnen in. De betekenis van dergelijke ronde stempeltjes werd na de tweede oorlog (her-) ontdekt door marcofilisten" (stempeldeskundigen) zoals A. Hornick, die daar lange studies hebben aan gewijd.
Laatstgenoemde schreef onder meer: "Al de brieven die zo'n rond letterstempeltje dragen, zijn afkomstig uit een landelijke brievenbus, en dus in een gemeente waar GEEN postkantoor voorhanden was."

Lees meer...

Achelaars incasseren rake klappen in Brussel

Zondag 7 september 1884.

In de jaren 1880-1884 woedde er in ons land een felle "schoolstrijd". De katholieken trokken sterk van leer tegen wat zij bestempelden als het antiklerikale beleid van de liberalen inzake het lager onderwijs: "ongelukswetten" zouden leiden tot "scholen zonder God". Op 7 september 1884 vulden de katholieken de Brusselse straten met een grootste en rumoerige betoging tegen de nieuwe organieke (compromis)wet op het lager onderwijs die volgens hen het bestaansrecht van de vrije, confessionele lagere scholen ondermijnde en de machtspositie van de Kerk in de samenleving aantastte. Zij kregen het hard te verduren van liberale tegenbetogers.

Lees meer...

100 jaar steenkool in Limburg 1901-2001

feest van sint barbara 2In de Limburgse media wordt er dit jaar veel aandacht besteed aan steenkoolmijnverleden van onze provincie, omdat het 100 jaar geleden is, op 2 augustus 1901, dat de eerste steenkoollaag werd aangeboord te As. Pas in 1917, wanneer de meeste oude Waalse mijnbekkens over hun hoogtepunt heen waren, komt in Winterslag in Limburg de eerste steenkoolproductie op gang. Met de sluiting van Zolder in 1992 werd de Limburgse mijnbouw definitief geschiedenis. De ontginning van de steenkool was één van de meest-ingrijpende ontwikkelingen van de vorige eeuw in Limburg. In de kleine boerendorpen rezen plots monumentale bouwwerken op, die de mensen van weleer met ontzag vervulde. Tegenwoordig staan de gebouwen er nog als getuigen van die omwenteling. Dit jaar wordt er veel aandacht besteed aan de toeristische ontwikkeling van dit mijnpatrimonium.

Mijnwerkers
Maar de ontginning van de steenkool bezorgde werkgelegenheid aan de Limburgse bevolking, en de tewerkstelling nam massaal toe na de tweede wereldoorlog.
Ook Achel-Statie leverde na wereldoorlog II in verhouding met de de toen werkende mannen een opvallend groot aantal mijnwerkers.
Wat deden de mannen toen al voor de kost aan de Statie ?

Lees meer...

Van de man die in het graf viel...

Je hebt van die anekdotes die door hun originaliteit eigenlijk een beetje gaan horen bij de kleine geschiedenis van een dorp.
Deze gebeurde op 14 januari 1951 bij de begrafenis van voormalig burgemeester Jacobus Schuurmans (+ Achel 1881) , « Kupke Schuurmans ».
Een toenmalig cursief-schrijver , « Steenbok » beschreef het gebeuren als volgt in de krant :

« Een begrafenis is vanzelfsprekend geen gezellige bijeenkomst, zolang ze duurt. Wat daarna dan soms gebeurt, had de begrafenis als aanleiding, niet als reden.
De hoofdpersoon bij de begrafenis is de persoon die begraven wordt. Hij is de afwezige van wie enkel maar goed wordt gezegd. Want alhoewel het een schoon ding is op zichzelf, dat er van u enkel maar goed wordt gezegd, zou niemand in zijn plaats willen zijn en houdt ieder zich wat op de achtergrond.

Lees meer...

De doden werden altijd waardig begraven

Vanvoorden Gerard begrafenis 1937 B Kerkhof naast de kerk AReeds in het paleolithicum – honderdduizend jaar geleden – bestond overal de begraving waarbij het lichaam van de overledenen in de aarde werd gelegd. Men markeerde de plek met een hertsgewei, met schiouderbladen van een mammoet, met een krans van evertanden of schelpen, verder met een paar stukken gereedschap, dus met dingen waarmee de dode werd geêerd en die hij mogelijk in het andere leven zou kunnen nodig hebben.
Het geloof in een voortbestaan is duidelijk aanwijsbaar reeds vanaf het begin van het menselijk leven. Soms werd het lichaam met oker rood gemaakt om zo het leven zo lang mogelijk te kunnen vasthouden. Dit deden de jagersvolken als symbolisering.
Zo bleef het tienduizenden jaren lang, zelfs toen rond 5000 v. C de mens landbouwer was geworden. Wel werd het ritueel na verloop van tijd beter verzorgd en ontstonden er langzamerhand echte grafvelden dicht bij de nederzettingen. Daarbij begon de gewoonte op te komen de dierbare afgestorvenen in een rots of een uitgekapte steenmassa te begraven.Dikwijls werd in plaats van de rots een gebouwd stenen monument gebruikt , compleet met zuiltjes, beelden enz.. Steeds kwam de zorg voor de piëteit jegens de doden daarbij speciaal uit.

Lees meer...

Oude devoties

kapel olv in de nood AchelAllen kennen we de bijzondere versieringen bij het uittrekken van de processies. Vroeger waren er twee : de Sint-Antoniusprocessie op 13 juni (later de zondag daarop) en de O.L.Vrouweprocessie op 15 augustus die vanaf de dorpskerk naar het O.L.Vrouwekapelletje doorheen de oude Kloosterstraat en de Kapelstraat trok naar de kapel van O.L.Vrouw in de Nood.
Deze kapel steunde steeds op eeen brede volksdevotie, bijzonder in de mei en oktobermaand. Generatieslang werd zebezocht en versierd : bijzonder op 1 mei wanneer een grote meiboom werd geplaatst (een jonge den waarvan de stam geschild was, de kruin versierd met blauw-witte wimpels, de voet omkranst met een rond zand-bloemtapijtje en met hoog ,kort tegen de kruin een lauwerkrans in wit-blauw)
De religieuse –folkloristische traditie van dergelijke meibomen , meestal op het dorpsplein geplaatst, is zeer oud. Hoe deze bij ons werd verbonden met de devotie van O.L.Vrouw In de Nood, is niet duidelijk achterhaalbaar.

Lees meer...

Het Richard Allenplein

Heel lang geleden, in de dertiger jaren, was de Kolleberg van de Graaf Cornet de Peissant.Net voor de oorlog van 1940 heeft hij dit gebied verkocht aan de heer Richard Allen uit Diest.
In 1965 verkavelde de heer Allen de Kolleberg tot meer dan 200 bouwkavels. Rondom het kerkhof op den 'Doalakker' ontstond alzo een 'nederzetting' en werd het domein dat jarenlang voor de Achelse jeugd verboden terrein was door de omheining en de kwade honden van de eigenaar , open gebied. Er werden wegen aangelegd en één hectare bos en groen werden openbaar domein voor eventuele nutsvoorzieningen . Maar er was ook een initiatief om een apart pleintje aan te leggen ter herinnering aan de heer Allen : het « Richard Allenplein ». Een 500 meter na de vroegere ingang aan het Catharinadal links van de aangelegde weg , was het pleintje door het gemeentebestuur voorzien « uit erkentelijkheid ».
Er werd een voetstuk in kunstarduin geplaatst en de bedoeling was om hierop een naambordje te plaatsen . Dit alles werd op de gemeenteraadszitting van 12 mei 1969 beslist.
Bij de inhuldiging werd de volgende spreekbeurt gehouden door een schepen.

Lees meer...

Een walvis in Achel-Statie

walvis te achel statie 600Enkele maanden geleden was ik getuige van een geanimeerde discussie over een walvis die ooit op een spoorwagon te Achel-Statie te kijk werd gesteld. Vragen als : Wanneer was dat ook weer ? Hoe zag hij eruit ? Van waar kwam jij ? bleven niettegenstaande de vele meningen onbeantwoord. Van één gegeven was men zeker : die bewuste walvis stonk uren in de wind.
Na wat speurwerk en getuigenissen van enkele personen , die ook deze walvis bezochten kregen wij een antwoord op die vragen.

Lees meer...

Herinneringen aan Marie Philippe

Marie Castrol Philippe 2 filteredMarie spendeerde iedere dag enkele uurtjes aan de verzorging van haar dieren. « Wie niet goed is voor de dieren , is ook niet goed voor de mensen, » filosofeerde Marie hardop. Eerst werden de varkens gewassen terwijl de fox-terrier goedkeurend toekijkt. « We hebben de schoonste varkens van Achel, » zegt Marie ferm.
Ondertussen melkt Drieka , de moeder van Marie, de schapen. Dit is een van de weinige zaken die Marie niet zelf kan.
Wanneer Drieka ziek te bed lag, moest Marie toch de schapen melken. Ze wist er geen raad mee. Tenslotte werd de oplossing gevonden: Marie bracht de schapen aan het ziekbed van Drieka die van daaruit de schapen molk.
De hennen hadden ook al goed hun best gedaan : Marie haalde een ganse schoot eieren uit de nesten.
Zo, nu kreeg de kat nog wat « roemen » (melk), en iedereen was geholpen.
Het is nog vroeg in de voormiddag. Marie heeft goed kunnen doorwerken omdat ze niet gestoord is geworden door klanten. Nu kan ze rustig het middagmaal klaarmaken voor de kostgangers.

Lees meer...

De grens : eens onze grootste werkgever

Heemkundekring Achel heeft alweer nieuwe plannen : dit keer voor een extra-markering van de grenslijn aan de Achelse Kluis. Als voorsmaakje dit artikel.

De landsgrens heeft eeuwenlang een stukje welvaart betekend , voor vele gezinnen een welkomen ' extra-boterham' .
Onuitputtelijk zijn de gekleurde en opgesmukte, nare en treurige verhalen van alwat zich aan beide zijden van 'de meet' afspeelde : jammer genoeg nooit opgetekend.
De hoge grensbocht aan grenspaal nummer 179 was een van de zeer gevoelige zones : zowat een raakvlak van Schaft, Valkenswaard, Leende, Heeze, Budel met Achel, Hamont. Het lag als een wig in een schraal woongebied in het Noord-Brabant : verbonden door een moerassige strook van de Warmbeek (Tongelre) en gescheiden door eindeloze barre heide en vennen en de vroenten van de dorpen : niet alleen bewoond door konijnen, hazen, waterwild en schapen maar .... doortrokken met kranige moedige ondernemende mannen als listige smokkelaars of 'ijverige' douaniers : een nooit aflatend kat-en-muis spel.

Lees meer...

Zo goed als machteloos tegen brand.....

ZO GOED ALS MACHTELOOS TEGEN BRAND.....

Vanaf ca. 1650 verschijnen in onze regio, de eerste half of geheel stenen burgerwoningen.
Wel bestonden er reeds kerken, kapellen, vestigingswerken, slot of kasteel en kloosters uit keien of baksteen gebouwd.
Uiteraard was de duurzaamheid zwak, en brand- en stormgevaar erg hoog, voor woningen en stallen uit hout en leemconstructies. Reden waarom regelmatig vernieuwde strengere maatregelen werden getroffen door de bezorgde burgervaders, o.a. wat betreft de « taptoe » (het vuurdoven van open haarden ) , kaarsen, lantaarngebruik op stal, nachtwacht, beperkte openbare straatlantaarns, gebruik van de brandklok (speciaal luidthema op de tiendeklok), gebruik van bakovens (vaak gemeenschappelijk) enz.
Was het voorkomen een eerste zorg, de bestrijding van branden was een vaak onmogelijke gemeenschappelijke poging tot redding van mens, dier, oogst en bezit. Meestal ging het gepaard met rituelen, zoals zegening met wijwater, aanroepingen, beloften, (litanie)gebeden en dergelijke, in Achel nog in gebruik in de jaren '30 . De machteloosheid tegen bliksem en brand was schrijnend.

Lees meer...

Telefoon "Hallo nummer 24" , een anekdote...

potstelephoneWe gaan even terug in vooroorlogse tijden : 1905
Achel was nog kantonhoofdplaats van de 6 omliggende gemeenten met een vredegerecht, ontvangerij van belastingen, politiedienst met cachot, belangrijk grenskantoor... de modernisering stond niet stil.
De jonge Graaf Georges Cornet de Peissant had sinds 08.10.1901 het burgemeesterschap overgenomen van de zieke Heer Willem Simons en was sinds 28 mei 1905 ook provincieraadslid.

Lees meer...

Van Teutenknecht tot herberguitbater

VAN TEUTENKNECHT TOT HERBERGUITBATER

Bert Scheepers werd geboren in Achel op 14 november 1875 . Hij was de zoon van Joannes Scheepers en Francisca Wilhelmina Van Duynhoven en kreeg de namen Johannes Hubertus mee.
In het Laatste Nieuws van 24 november 1962 verscheen volgende interview.

Vette jaren

Het is in de jaren 1895-1897 dat Jan Hubert Scheepers, in de volksmond beter bekend als 'Bert', zijn beste jaren heeft gekend.
« Het zijn jaren geweest zonder kommer en zorg, » vertelt de 87-jarige Kempenaar , die eertijds als 'Teutenknecht' langs stad en dorp trok om zijn koopwaar aan de man te brengen. In de week voelt hij de last der jaren, maar 's zondags bindt hij met de jeugd de strijd aan op het groene laken bij de Achelse biljartclub. Bert is een opgewekte kerel die ondanks zijn hoge leeftijd nog steeds vrolijk gezeldschap opzoekt. Het is een eigenschap die hem eertijds bij de ' Teuten ' en het volk op de buiten zo geliefd maakte.

Lees meer...

Het oude melkerijtje

Het oude melkerijtje

We hLaurette Nuyts 1934 achtergrond oude handmelkerij overzichtspagina 1ebben het hier over het gebouw in de Zandstraat (nu Pastoor Bungenerslaan nr 8)
en later bekend als de winkel « De Welvaart » en café « 't Scheutje ».
Tijdens het laatste kwartaal van de 19e eeuw, groeide in onze Noorder-Kempen zeer sterk een geest van onderlinge samenwerking ter behartiging van gemeenschappelijke belangen, dit onder begeleiding van religieuze en sociale organisaties : duidelijk herkenbaar als « Coöperatieven »
Zo ook op gebied van landbouw en veeteelt.
Peer blijkt zowat de regionale motor te zijn geweest .
In 1890 op 20 juli stichtten Helleputte, Schollaert, Mellaert er hun « Boerenbond ».
In 1891 –1892 zagen we de eerste coöperatieve veeverzekeringen opkomen in Sint-Huibrechts-Lille, Overpelt en Bocholt .
In 1893 kwamen er Raiffeisenkassen doorheen heel Limburg.
In 1893 de stichting van « Werkmanswoning Kanton Achel » met sociale kredietverlening voor eigen huisje met hof.
In 1889 verscheen er in Bree een eerste Limburgse zuivelfabriek.

Lees meer...

Oude Achelse wegen

Achel is getooid met een spits toelopende noordergrens, die te danken is aan het kloosterdomein, dat
de heer van Boxtel circa 1300 verwierf. De zeer oude grens van een heerlijkheid die later rijksgrens
werd.
Het dorp is centraal bevloeid door de Warmbeek, in Nederland de Tongelreep genoemd.
Het is een rivierdorp zoals Lille, Kaulille, Overpelt, Neerpelt (Dommel).
Achel telt daarbij vijf bijrivieren van de Warmbeek : de Princeloop, de Vliet, de Bergienderloop, de Beverbekerloop en de Tomperloop.
Zo rechtvaardigt zich de naam Achel, Aghel, Achile, Aacheloo « woaterkoot » « waterbos ».
Een blik op de kaart maakt dit meteen duidelijk. Tevens is het ook begrijpelijk dat de oude torenburcht
« De Tomp » ('t Fort) en de latere waterburcht van Grevenbroek gevestigd werden in het knooppunt
van waterlopen te midden waterland en vennen.
Merkwaardig is ook hoe Achel eertijds omringd lag met heiden.

Lees meer...

Danssalon « De Meyleman »

demeylemansGodweet hoeveel Kapetulisten hun echtgeno(o)t(e) hebben leren kennen in de aparte sfeer van het danspaleis dat iedere Achelse kermis pas volledig maakte . Een kermis zonder « De Meyleman » was geen echte kermis.
We weten niet of er een hierarchie bestond in het kermismilieu maar in onze jeugdjaren keken wij een beetje op naar de mensen van « De Meyleman ». Die naam klonk als een klok en het wagenpark en de schitterende attributen straalden een ongewone soort rijkdom uit. Of was het misschien het woordje « paleis » dat onze bijzondere belangstelling opriep. Naar de opbouw van de kermis gingen wij graag kijken maar naar de Kasteeldreef op het pleintje van Frans Bergs gingen wij zeker om de oprichting van het paleis niet te missen.
Naar de danstent tijdens de kermis gingen wij ook. Als tienjarige voelden wij ook al de bijzondere aantrekkingskracht van die omgeving met zijn spiegels en vele lichtjes in die donkere Kasteeldreef.
Een bezoek aan de binnenkant kon slechts bij de opbouw en dan nog als wij in het gezelschap waren van iemand die in het dorp woonde en iets meer durfde.
Neen,'s avonds mochten wij er niet in , alhoewel we in groep het toch ook durfden in de ' rontelum ' van de Meyleman te wandelen want wij wisten dat er wel ooit het een en ander te zien was...

Lees meer...

Bedevaarten ook bij de Achelaren in t' bloed

Meermaals lezen wij in onze dorpse annalen over devotietochten van onze voorouders naar naburige en verre oorden.
Al trok ook Achel met Sint-Antonius ieder jaar zeer vele hoopgestemden, vooral uit Noord-Brabant en Nederlands Limburg.

Naar Lourdes : met een grote bedevaart per spoor van 27 april tot 4 mei 1896 trok een aantal
Achelse parochianen mee samen met anderen uit naburige dorpen. Zo weet Pastoor Vossen te vertellen.

Naar Tongeren : Zevenjaarlijkse feesten met speciale verering der relieken. Onder leiding van Meester Sak trokken 25 parochianen er naar toe van 29.08 tot 08.09.1897. Ze werden waarderend verwelkomd door deken Slegers, Tongenaar, maar eigenaar van Beverbeek.

Lees meer...

Frederic van Waesberghe, Zouaaf uit Achel

DSCF0898 2Het statige herenhuis links, Schutterijstraat 3, wordt in 1913-1914 door het aannemersbedrijf Gebroeders Van Werde in opdracht van Frederik Alfons Van Waesberghe (1850-1922) gebouwd. Deze tekst is te vinden in het boek Ontmoetingen met Hamont-Achel, ons stadje vandaag door Marius Degeest, 2001. Alleszins de moeite waard om deze heer Van Waesberghe aan de vergetelheid te ontrukken.

Frederic Alphonse Van Waesberghe werd geboren op 7 april 1850 in de gemeente Bassevelde. De volgende dag werd hij getoond aan de burgemeester van Bassevelde door zijn vader Jean Louis Van Waesberghe, brigadier der douane, oud 41 jaar, geboren te Wachtebeke. De moeder van de boreling was Louise Verschelden, op dat moment 35 jaar oud, geboren te St.-Gillis-Waes. Getuige bij de aangifte was o.a. E. Van Waesberghe, schrijver, oud 47 jaar. Vader Jean Louis verklaarde niet te kunnen schrijven.

Lees meer...

De geboorte van 't Molenhuis

Zjang Thijs en Marie filteredEEN AANKONDIGING IN DECEMBER 1978.. : GEBOORTE VAN ' t MOLENHUIS !

Toen Zjan met Marie trouwde , kwam hij in Achel wonen, in het huis van Mie Guys. Dit oude gevelhuis, zoals vele andere in het dorp afgebrand in 1880 bij de grote dorpsbrand, was heropgebouwd en lag gunstig tegenover het gemeentehuis en het Vredegerecht.
Eerst was Zjan Thijs diamantslijper geweest in Pelt en daarna koetsier bij de familie Keelhoff te Neerpelt, maar eenmaal getrouwd hield hij een winkel in " koloniale waren ", een handel in eieren en lindebloem, met daarbij nog een dorpscafé dat later "In de 3 Molenstenen" werd gedoopt.
Hij zag het probleem van het malen in Achel, waar de boeren met kar of kruiwagen naar het verre en oude " Mulke" voeren of naar de watermolen in Lille. Wel kwam in 1920 een "vuurmolen" aan de Quatre-Bras (een molen aangedreven door een stoomketel), maar zodra ook Achel elektriciteit kreeg (1923), liet Zjan een elektrische molen bouwen (1924). Enkele jaren nadien werd deze gevolgd door een molen van Jan Willems.
Het ging de molenaars voor de wind, zoals het hoort ! Toch was het vooral de lindebloem ( in Achel vrij veel geoogst) die plots zeer sterk in prijs steeg(verteld wordt dat dit kruid werd gebruikt bij medicijnen tegen de Spaanse griep) en Zjan "veel zaad in het bakje bracht".

Lees meer...

De Waag

De Waag Achel 2De verwoesting van de grote burcht van Grevenbroek door Marlborough in 1702 bracht voor onze heerlijkheid een bijzondere situatie.
De zetel van het traditioneel gezag was er nu niet meer. De heer van het domein kon slechts nog in zijn jachthuis Ghenebempden bij Catharinadal verblijven. Het moet een leemte geweest zijn die vooral voelbaar was in het beheer van de banale molens. Het molenrecht moest toegepast worden, de beek moest regelmatig geveegd worden enz. De verboden handmolens dienden opgespoord...

Op 21 maart 1749 had Prins-Bisschop Jan Theodoor van Beieren de twee banmolens in erfpacht geschonken aan baron de Hubens tegen een jaarlijkse som van 1000 gulden.
Op 23 oktober 1751 ontving deze heer nog twee hoeven van Grevenbroek samen met enkele landerijen, het terrein met de puinen van de oude burcht, alsook het jachtrecht te Achel.
Hij eiste nadien de Oude Molenweier op ( 30 bunders) , eigendom van de gemeente, omdat er vroeger sprake was van 7 vijvers van Grevenbroek en hij er in 1752 maar 6 vond.

Lees meer...

De glorietijd van « DIKKE PIER » te Achel

Zo schreef L. STERKEN in « Het Belang » op donderdag 11 november 1948.....over Pier Van Lishout de zoon van Antoon Van Lishout en Marie Guys.

Dikke Pier Van Lishout 1 filtered 2DE GLORIETIJD VAN « DIKKE PIER » TE ACHEL.

.....
We trekken er dan op uit... naar Achel, waar Dikke Pier de grootste broek nodig heeft.
Feitelijk heet hij Petrus Van Lishout, gepensioneerde spoorwegarbeider. Zijn burgerlijke stand vermeldt : geboren te Achel op 5 mei 1875 en gehuwd in 1907 met Petronella Lemkens , « na 15 jaar verkering » maar dat staat niet in het eerbiedwaardig boek. Hij woont
in de Eindstraat op nummer 30 te Achel.
Van die verkering gesproken ! Pierke (zo noemt Van Lishout zichzelf) beweert met zijn huwelijk juist op tijd te zijn gekomen. » De pastoor vroeg mij 10 frank voor de ceremonie, zegt hij maar ik dong 5 frank af en hij was ook tevreden. Hij meende commercant te zijn. »
Pier is altijd een ferme knuppel geweest. Toen hij trouwde woog hij reeds 90 kg.De aard zeker ? Zijn moeder immers had ook 250 pond als tegengewicht nodig. En dan een maag !

Lees meer...

Tocht van Meersel-Dreef naar Achel in 1846

Tocht van Meersel-Dreef naar Achel in 1846

In 1838 deed de abdij van Westmalle een tweede stichting in het oude Capucijnenklooster te Meersel-Dreef. De omstandigheden waren daar echter niet gunstig voor een verdere uitbreiding van het klooster. Daarom werd uitgezien naar een geschikter plaats. En dat zou in Achel kunnen zijn, war een klooster, eertijds bewoond door de Eremieten, en bijhorende gronden te koop zouden zijn. De eigendom was van Barones Tuyll van Serooskerken uit Heeze (NL).
De Abt van Westmalle en de Prior van het klooster Meersel-Dreef gingen in oktober 1844 op verkenning te Achel. Ze kwamen terug met een gunstig rapport. De aankoop werd voorbereid.

Na lange onderhandelingen werd de officiële aankoop gedaan van Barones Tuyll van Serooskerken van de oude hermitage te Achel en 25 hectaren gronden onder Leende of in totaal 96 hectaren, volgens de akte van 9 april 1845, voor de prijs van 20.250 Nederlandse gulden.
Eens in bezit hiervan oordeelde men de bestaande gebouwen onmiddellijk dienstig te maken voor religieuzen. Men wilde zo spoedig mogelijk verhuizen van Meersel naar Achel.

Lees meer...

Een jaarabonnement kost € 12,50.  Abonnee worden ?